Lercanidipine EG 10 Mg Filmomh Tabl 28 X 10 Mg
Op voorschrift
Geneesmiddel

Lercanidipine EG 10 Mg Filmomh Tabl 28 X 10 Mg

  € 11,11

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 2,00 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 1,10 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Voorzichtigheid is geboden wanneer lercanidipine wordt gebruikt bij patiënten met het sick-sinus syndrome (indien geen pacemaker wordt gebruikt). Hoewel in hemodynamisch gecontroleerd onderzoek werd aangetoond dat de ventrikelfunctie niet verminderd, is voorzichtigheid ook geboden bij patiënten met stoornissen aan het linkerventrikel. Er zijn aanwijzingen dat gebruik van enkele kortwerkende dihydropyridines een verhoogd cardiovasculair risico kan vormen bij patiënten met een ischemische hartziekte. Hoewel lercanidipine een lange werking heeft, dient men voorzichtig te zijn bij deze patiënten. Sommige dihydropyridines kunnen in zeldzame gevallen precordiale pijn of angina pectoris veroorzaken. In zeer zeldzame gevallen kan bij patiënten met bestaande angina pectoris de frequentie, de duur of de ernst van deze aanvallen toenemen. Geïsoleerde gevallen van myocardinfarct kunnen waargenomen worden (zie 4.8). Gebruik bij patiënten met een nier- of leverdysfunctie Bij de start van de behandeling van/bij patiënten met een milde tot matige nier- of leverdysfunctie is speciale aandacht noodzakelijk. Hoewel het normaal aanbevolen doseringsschema verdragen kan worden in deze subgroepen, moet men voorzichtig zijn met een verhoging van de dosis tot 20 mg per dag. Het bloeddrukverlagende effect kan verhoogd zijn bij patiënten met leverstoornissen en bijgevolg dient een aanpassing van de dosering overwogen te worden. Lercanidipine is niet aanbevolen bij patiënten met ernstige leverstoornissen of bij patiënten met ernstige nierstoornissen (glomerulaire filtratiesnelheid < 30 ml/min) (zie 4.2). Gebruik van alcohol dient te worden vermeden, omdat dit het effect van bloedvatverwijdende antihypertensiva kan versterken (zie 4.5). Inductoren van CYP3A4 zoals anti-epileptica (bijv. fenytoïne, carbamazepine), en rifampicine kunnen de plasmaspiegels van lercanidipine verlagen en daardoor kan de doeltreffendheid van lercanidipine lager zijn dan verwacht (zie 4.5). Hulpstoffen Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als galactose-intolerantie, algehele lactasedeficiëntie of glucose-galactose malabsorptie, dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken. Dit geneesmiddel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per tablet, dat wil zeggen dat het in wezen 'natriumvrij' is.

Lercanidipine EG wordt gebruikt voor de behandeling van milde tot gematigde hoge bloeddruk (essentiële hypertensie).

Contra-indicaties

Neem Lercanidipine EG niet in:

  • als u allergisch (overgevoelig) bent voor lercanidipinehydrochloride of voor één van de andere bestanddelen van Lercanidipine EG.
  • als u eerder allergische reacties heeft gehad op geneesmiddelen die nauw verwant zijn aan Lercanidipine EG (zoals amlodipine, nicardipine, felodipine, isradipine, nifedipine of lacidipine)
  • als u zwanger bent of borstvoeding geeft, of als u zwanger zou kunnen worden.
  • als u lijdt aan bepaalde hartaandoeningen: - niet onder controle gebracht hartfalen - gestoorde uitstroom van bloed uit het hart - instabiele angina pectoris (angina pectoris tijdens rust of geleidelijk toenemend) - binnen één maand na een hartaanval
  • als u ernstige lever- of nierproblemen heeft
  • als u geneesmiddelen/voeding inneemt die de werking en/of bijwerkingen van Lercanidipine EG kunnen beïnvloeden, zoals: - macrolide antibiotica (zoals erythromycine of troleandomycine) - antischimmelmiddelen (zoals ketoconazol of itraconazol) - antivirale middelen (zoals ritonavir, een geneesmiddel ter behandeling van aids) - ciclosporine (een geneesmiddel dat gebruikt wordt om afstoting van organen te voorkomen na een transplantatie) - pompelmoes of pompelmoessap

Eén tablet bevat:

  • 10 mg lercanidipinehydrochloride als lercanidipinehydrochloride-hemihydraat

De andere bestanddelen zijn:

tabletkern:

  • lactosemonohydraat
  • gepregelatiniseerd maïszetmeel
  • natriumcroscarmellose
  • hypromellose
  • watervrij colloïdaal silicium
  • magnesiumstearaat

filmomhulling:

  • hypromellose
  • macrogol 8000
  • titaniumdioxide (E 171)
  • talk
  • ijzeroxide geel (E 172).

Het is bekend dat lercanidipine gemetaboliseerd wordt door het CYP3A4-enzym; bijgevolg kunnen gelijktijdig toegediende inhibitoren en inductoren van CYP3A4 een invloed hebben op het metabolisme en de eliminatie van lercanidipine. Het gelijktijdig voorschrijven van lercanidipine met CYP3A4-inhibitoren (bijv. ketoconazol, itraconazol, ritonavir, erythromycine en troleandomycine) dient vermeden te worden (zie 4.3). Een interactiestudie met een sterke CYP3A4-inhibitor, ketoconazol, heeft een belangrijke stijging aangetoond van de plasmaspiegels van lercanidipine (een vijftienvoudige stijging van de AUC en een achtvoudige stijging van de Cmax van de actieve enantiomeer S-lercanidipine). Ciclosporine en lercanidipine mogen niet gelijktijdig toegediend worden (zie 4.3). Verhoogde plasmaconcentraties van zowel lercanidipine als ciclosporine werden waargenomen bij gelijktijdige toediening. Een studie bij jonge gezonde vrijwilligers heeft aangetoond dat, wanneer ciclosporine 3 uur na de inname van lercanidipine werd toegediend, de plasmaconcentraties van lercanidipine niet wijzigden, terwijl de AUC van ciclosporine toenam met 27 %. De gelijktijdige toediening van lercanidipine met ciclosporine gaf echter aanleiding tot een drievoudige toename van de plasmaconcentraties van lercanidipine en een toename van de AUC van ciclosporine met 21 %. Lercanidipine mag niet gelijktijdig met pompelmoessap ingenomen worden (zie 4.3). Zoals voor andere dihydropyridines is lercanidipine gevoelig voor remming van het metabolisme door pompelmoessap, met als gevolg een stijging van zijn systemische beschikbaarheid en een versterkt hypotensief effect. Wanneer een dosis van 20 mg lercanidipine gelijktijdig met midazolam p.o. werd toegediend aan oudere vrijwilligers, was de absorptie van lercanidipine verhoogd (met ongeveer 40 %) en de absorptiesnelheid was verminderd (tmax was vertraagd van 1,75 naar 3 uur). De midazolamconcentraties waren niet gewijzigd. Men dient waakzaam te zijn wanneer lercanidipine gelijktijdig wordt voorgeschreven met andere substraten van CYP3A4, zoals terfenadine, astemizol, klasse III-antiaritmica zoals amiodaron en kinidine. Bij het tegelijkertijd toedienen van lercanidipine en CYP3A4-inductoren zoals anti-epileptica (bijv. fenytoïne, carbamazepine) en rifampicine is voorzichtigheid geboden omdat het antihypertensieve effect verminderd kan worden. De bloeddruk moet dan ook vaker dan gewoonlijk gecontroleerd worden. Wanneer lercanidipine gelijktijdig werd toegediend met metoprolol, een bètablokker die voornamelijk door de lever wordt geëlimineerd, bleef de biologische beschikbaarheid van metoprolol ongewijzigd terwijl deze van lercanidipine met 50 % werd verminderd. Dit effect kan te wijten zijn aan de vermindering van de bloeddoorstroming in de lever, veroorzaakt door ß-blokkers, en kan dus ook optreden met andere geneesmiddelen van deze klasse. Bijgevolg kan lercanidipine veilig samen met bètablokkers worden toegediend, maar dosisaanpassing kan noodzakelijk zijn. Een interactiestudie met fluoxetine (een inhibitor van CYP2D6 en CYP3A4), uitgevoerd bij vrijwilligers van 65 ± 7 jaar (gemiddeld ± s.d.), heeft geen enkele klinisch relevante wijziging aangetoond in de farmacokinetiek van lercanidipine. Gelijktijdige toediening van 800 mg cimetidine per dag veroorzaakt geen significante veranderingen van de plasmaspiegels van lercanidipine, maar voorzichtigheid is geboden bij hogere doseringen aangezien de biologische beschikbaarheid en het bloeddrukverlagende effect van lercanidipine kunnen toenemen. Bij gelijktijdige toediening van 20 mg lercanidipine aan patiënten die chronisch worden behandeld met ß�methyldigoxine waren er geen tekenen van farmacokinetische interactie. Gezonde vrijwilligers die behandeld werden met digoxine na toediening op de nuchtere maag van 20 mg lercanidipine vertoonden een gemiddelde stijging van 33 % in Cmax van digoxine, terwijl de AUC en de renale klaring niet significant gewijzigd werden. Patiënten die tegelijkertijd met digoxine worden behandeld, dienen klinisch goed te worden geobserveerd op tekenen van digoxinetoxiciteit. Wanneer een dosis van 20 mg lercanidipine herhaaldelijk toegediend werd samen met 40 mg simvastatine, was de AUC van lercanidipine niet significant gewijzigd, terwijl de AUC van simvastatine met 56 % steeg en de AUC van zijn actieve metaboliet ß-hydroxyzuur met 28 % steeg. Het is onwaarschijnlijk dat dergelijke wijzigingen klinisch relevant zijn. Er wordt geen interactie verwacht wanneer lercanidipine 's morgens toegediend wordt en simvastatine 's avonds, zoals aangewezen voor een dergelijk geneesmiddel. De gelijktijdige toediening op de nuchtere maag van 20 mg lercanidipine aan gezonde vrijwilligers veranderde de farmacokinetiek van warfarine niet. Lercanidipine werd zonder probleem toegediend samen met diuretica en ACE-inhibitoren. Gebruik van alcohol dient te worden vermeden, omdat dit het effect van bloedvatverwijdende antihypertensiva kan versterken (zie 4.4).

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.

De volgende bijwerkingen werden geassocieerd met Lercanidipine EG:

Soms (kan tot 1 op 100 mensen treffen):  snelle hartslag (tachycardie)  hartkloppingen (de hartslag voelen)  perifeer oedeem (vochtophoping in de ledematen, in het bijzonder in de benen)  hoofdpijn  duizeligheid  warmteopwellingen (roodheid van de huid, in het bijzonder in het gezicht)

Zelden (kan tot 1 op 1.000 mensen treffen):  angina pectoris (pijn op de borst)  bepaalde geneesmiddelen die lijken op Lercanidipine EG kunnen leiden tot precordiale pijn (pijn vooraan op de borst)  slaperigheid  misselijkheid (nausea)  indigestie  diarree  buikpijn  braken  polyurie (het produceren van grote hoeveelheden urine)  huiduitslag  spierpijn  krachteloosheid/ zwakheid  vermoeidheid

Zeer zelden (kan tot 1 op 10.000 mensen treffen):  als u reeds angina pectoris heeft, kunnen de symptomen vaker voorkomen, langer duren of ernstiger zijn  geïsoleerde gevallen van hartaanval (myocardinfarct) kunnen voorkomen  flauwvallen (syncope)  verhoogd leverenzymgehalte (dit is gewoonlijk omkeerbaar wanneer de behandeling wordt stopgezet)  gezwollen tandvlees (gingivale hypertrofie)  toename van de plasfrequentie (vaker plassen dan gewoonlijk)  hypotensie (lage bloeddruk)  pijn op de borst

Het melden van bijwerkingen Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via FAGG – Afdeling Vigilantie – Postbus 97 – B-1000 Brussel Madou of via de website: www.fagg.be. Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.

Wanneer mag u Lercanidipine EG niet innemen? • U bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6 • U heeft eerder allergische reacties gehad op geneesmiddelen die nauw verwant zijn aan Lercanidipine EG (zoals amlodipine, nicardipine, felodipine, isradipine, nifedipine of lacidipine) • U bent zwanger of geeft borstvoeding, of u zou zwanger kunnen worden (zie rubriek 2. "Zwangerschap en borstvoeding") • U lijdt aan bepaalde hartaandoeningen: - niet onder controle gebracht hartfalen - gestoorde uitstroom van bloed uit het hart - instabiele angina pectoris (angina pectoris tijdens rust of geleidelijk toenemend) - binnen één maand na een hartaanval

• U heeft ernstige lever- of nierproblemen • U neemt geneesmiddelen/voeding in die de werking en/of bijwerkingen van Lercanidipine EG kunnen beïnvloeden, zoals: - antischimmelmiddelen (zoals ketoconazol of itraconazol) - macrolide antibiotica (zoals erythromycine of troleandomycine) - antivirale middelen (zoals ritonavir, een geneesmiddel ter behandeling van aids) - ciclosporine (een geneesmiddel dat gebruikt wordt om afstoting van organen te voorkomen na een transplantatie) - pompelmoes of pompelmoessap

Gegevens met betrekking tot lercanidipine tonen geen teratogeen effect bij de rat en het konijn aan en de voortplantingsfunctie bij de rat was onaangetast. Desondanks, wegens het ontbreken van klinische ervaring met lercanidipine bij zwangerschap en borstvoeding, en omdat andere dihydropyridines teratogeen zijn gebleken bij dieren, mag lercanidipine echter niet gebruikt worden tijdens de zwangerschap of door vruchtbare vrouwen, tenzij effectieve contraceptie wordt gebruikt. Gezien de hoge lipofiliciteit van lercanidipine is het te verwachten dat het zal uitgescheiden worden in de moedermelk. Het mag dan ook niet worden toegediend aan moeders die borstvoeding geven.

Volwassenen:

  • 10 mg, 1 x per dag
  • Afhankelijk van de individuele respons van de patiënt kan de dosering worden verhoogd tot 20 mg

Toedieningswijze:

  • Tenminste 15 minuten voor de maaltijd, bij voorkeur voor het ontbijt
CNK 2680148
Organisaties Eurogenerics (EG) Generics & Consumer
Merken Eurogenerics (EG)
Breedte 22 mm
Lengte 121 mm
Diepte 50 mm
Hoeveelheid verpakking 28
Actieve ingrediënten lercanidipine hydrochloride
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)